Naar zee

Fragment 

Op het scherm van de Chromebook, zien we hoe mevrouw de wens uitspreekt om naar zee te willen. Mevrouw zit in bejaardenhuis en kan niet alleen naar de zee. Mevrouw vraagt het aan verschillende familieleden, van zoon tot kleinkinderen. Iedereen heeft een ander verhaal klaar om niet aan de wens van hun dochter en oma te kunnen voldoen. Einde scene. 

Gebeurtenis.  

Het is een stralende winterdag. Door de ramen van het verzorgingshuis en verpleeghuis is de blauwe lucht duidelijk zichtbaar. De kale bomen staan roerloos stil wachtend op warmere dagen om hun groene bladeren weer te kunnen laten ontspruiten.  

Ik ontmoet meneer op de derde etage. De zogenaamde gesloten afdeling. bij de lift. Hij wil de open deuren ingaan om naar beneden te gaan. ‘U kunt niet met de lift gaan meneer’, deel ik hem mede.  

‘Waarom, niet?’, vraagt hij mij. 

Twee heldere blauwe ogen kijken mij aan. Ja wat moet ik daarop zeggen. De waarheid. 

‘U mag niet naar beneden’.  

‘Waarom dan niet?’ Vraagt hij mij met een heldere stem. 

En weer de waarheid. ‘U kunt niet meer zo goed zelfstandig de weg vinden’. 

De lift sluit zich. 

‘Maar waar wilt u dan heen?’ 

‘Naar de Zwanenburgerwal’. 

‘Waar is dat?’, vraag ik hem. 

‘In het centrum. Bij het Waterlooplein?’.  

De liftdeuren zijn inmiddels dicht. 

Het is de man ontgaan. ‘Ik wil naar de Zwanenburgwal’.  

‘Dat kan niet’, meneer. 

En zo gaan we weer verder, waarna meneer uiteindelijk zich omdraait en weg sloft. Hij verdwijnt uit beeld. Einde gebeurtenis. 

Volgend fragment

De serie gaat verder. Oma pakt de telefoon en besteld een taxi. Ze gaat naar het strand. Daar zien we haar even later zitten op een bankje. Alleen. Ze kijkt uit naar de zee. Een aantal mensen zijn met een surfplank in de zee. 

Volgend fragment

Familieleden worden gebeld. Oma is overleden. Op het bankje tegenover de zee is haar leven tot stilstand gekomen. Hoe mooi? 

Einde fragmenten

De hoofdpersoon in dit verhaal de vrouw van negentig had nog de mogelijkheid om een taxi te bellen en weg te gaan. Gestorven op de plek die haar dierbaar was. Meneer niet. Hij is opgesloten. Niet meer in staat cognitief en rechtsmatig om zijn eigen leven vorm te geven. Wij bepalen dat hij niet meer gaan en staan waar hij zelf wil. 

Meneer kan niet meer voor zichzelf zorgen. En dus komt er een natuurlijke reflex in werking. Deze reflex stelt dat we meneer beschermen tegen zichzelf. In de praktijk van elke dag betekent dit meneer opsluiten. Opsluiten achter gesloten deuren zonder dat meneer iets heeft misdaan. In een beschermede omgeving zal meneer nog heel lang kunnen leven. Wat heeft meneer echter nu voor levenskwaliteit? Willen wij dit als samenleving?  

Met vriendelijke groet,

Amiad Ilsar.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s